Centenindex verhoogt fiscale druk op arbeid
De centenindex van de regering De Wever verlaagt niet alleen de koopkracht, maar verhoogt ook de fiscale druk op arbeid. Dit staat haaks op het regeringsbeleid dat 'werken moet lonen'.
De indexsprong voor lonen vanaf 4.000 euro bruto per maand (2.594 euro netto) vermindert niet alleen de koopkracht van bijna de helft van de loontrekkenden, maar verhoogt ook de fiscale druk op arbeid.
Boven 4.000 euro bruto wordt de procentuele indexering (2%) immers vervangen door een vast indexbedrag (80 euro). Wie een loon heeft van 6.000 euro bruto, krijgt dus geen 120 euro (2%), maar 80 euro.
De 40 euro die zo wordt uitgespaard, verlaagt de loonkosten van de werkgevers en verhoogt de concurrentiekracht van onze bedrijven. Maar de regering De Wever claimt de helft van dat voordeel. De bedrijven moeten dus 20 euro doorstorten aan de schatkist. Ze betalen dus belasting over loon dat niet wordt uitbetaald. Zo stijgt uiteraard de fiscale druk op arbeid. Zie ook de tabel in bijlage.
Uit het parlementaire debat over het begrotingsakkoord bleek alvast dat noch fractieleider Axel Ronse, noch premier Bart De Wever (beiden N-VA) dat begrijpen of willen begrijpen. Het staat ook haaks op de belofte dat “werken moet lonen” en “meer netto uit bruto”.
PS: De aangekondigde lastenverlaging in 2029-2030 moet nog gerealiseerd worden, maar wordt nu al grotendeels opgesoupeerd door nieuwe of hogere belastingen en de indexsprong voor lonen boven 2.594 euro netto per maand.